Categoriearchief: Start

Bootspel

Baken een rechthoekig stuk af. Dat is dan de boot. Jijzelf de kapitein.
De boot heeft natuurlijk een voordek, een achterdek, stuurboordzijde en bakboordzijde.
Benoem ze duidelijk voor de kinderen. Zeg dat ze altijd naar die zijde moeten die jij roept.
En daar moeten ze dan stil staan.
Daarna roep je 1 van deze zijden om; de kinderen moeten daar naar toe en daar stil gaan staan.
In het begin wijs je de zijde ook nog aan. Later niet meer, of je wijst juist de verkeerde kant op.
Je voert ook het tempo op, zodat ze niet altijd stil staan. Bv 2 commando’s direct achter elkaar.
Iemand die de verkeerde kant op gaat is af. Ook degene die het laatste op de juiste plaats stil staat.
Extra: bij “ship ahoy” moet iedereen in de houding staan (stil) met het gezicht naar de kapitein.

Ingezonden door: Wijnand Wakkerman (Schaats- en Skate Vereniging Lek en Linge Culemborg)

De start

De start bestaat uit drie onderdelen, namelijk:
1. de start en de eerste passen
2. de overgang naar de skeelerslag
3. skeelerend versnellen.

ad.1 De start en de eerste passen
We kennen bij het skeeleren drie verschillende startmethoden:
– de atletiekstart
– de individuele start met electronische tijdwaarneming
– de groepsstart

De houding van de voeten is bij alle startmethodes gelijk: V-houding. Op deze manier ben je altijd het snelste weg en loop je bij de groepsstart het minste risico om te struikelen of te vallen. Bij de eerste twee startmethodes gaat het achterste been als eerste weg. Dit heeft als reden bij de atletiekstart dat je het voorste been het meest gebogen hebt waardoor je verder kunt strekken en dus meer kracht kunt zetten bij je eerste stap. Bij de individuele start is het voordeel dat je eigenlijk al verder over de streep bent op het moment dat de tijd gaat lopen. Bij de groepsstart gaat het voorste been als eerste weg omdat je zo snel mogelijk een goede plek binnen de groep moet veroveren. Als je met achterste been zou starten, heb je teveel tijd nodig voor je eerste pas en verlies je je plaats in de groep.

Aandachtspunten:

Romp
Voorover gebogen om veel valsnelheid te krijgen.

Armen
Gebogen, zodat je je slag met een felle korte beweging kunt ondersteunen.

Benen
Gebogen. Na de start moet het vervolg explosief zijn met een hoog bewegingsritme.

ad. 2 De individuele start met electronische tijdwaarneming
Na de start duik je zo snel mogelijk in elkaar om veel snelheid te kunnen maken. Blijf zo lang mogelijk rennen na de start, de eerste slagen zijn wel heel kort.

ad 3. Skeelerend versnellen
We gaan nu de slag verlengen, maar blijven wel veel kracht zetten om zo snel mogelijk een hoge(re) snelheid te bereiken.

Bron: cursus JST (SBN)

Kijk voor een aantal filmpjes met start (en bochtenwerk) op:

http://www.youtube.com/watch?v=Q-wlrz8joK0

http://www.youtube.com/watch?v=jRPaPOhTCbM

http://www.youtube.com/watch?v=37NJtE0E5kU

http://www.youtube.com/watch?v=peHR3hwm7ac

V-walk

Vanuit de V-walk, of ook wel “Charlie Chaplin” is de eerse rollende of rijdende beweging makkelijk te oefenen. Kinderen kennen geen Charlie Chaplin, maar wel een “pinguin”.

vwalk1

  • Vanuit V-stand ga je langzaam over in V-walk door je gewicht te verplaatsen.
  • Maak vanuit V-stand een paar kleine pasjes met je voeten op 10 voor 2 stand, zoals Charlie Chaplin dus, en rol even uit.
  • Terug naar de starthouding in beweging, dus met de voeten naast elkaar uitollen.
  • Probeer zoveel mogelijk recht op, of nog beter, op de buitenkant van je wielen te staan en te rijden.

vwalk2

 

Aandachtspunten:

  • Beginners willen in het begin altijd op “brede” basis (A-frame stand) staan. Laat ze voor “aap” staan: dus licht gebogen knieën en licht ingezakte houding naar voren, hoofd lichtjes voorover en armen losjes langs het lichaam. Skates parallel en naar voren gericht.
  • Laat mensen op je onderarm of hand steunen, niet op je schouder, bij een val trekken ze jou ook mee.
  • Mensen die al eens geskate hebben gaan makkelijker in de V-stand staan.
  • Laat bekken kanteling voorover (kontje waarop je kan meeliften) en achterover (de juiste houding is bolle rug) zien en nadoen.
  • Oefen deze houding in rust en tijdens rollen.

Tip: de meeste valpartijen ontstaan door de verkeerde houding, dus met gestrekte benen en lichaam. Hierdoor moet je moeite doen om je balans te houden en verkramp je als het ware. Je knieën moeten altijd licht gebogen zijn en je romp vanuit je bekken altijd licht naar voren gekanteld.

V-stand en T-stand

Het klinkt vreemd, maar stilstaan op skates is ook moeilijk. De zgn. V-stand en T-stand zijn het meest geschikt, omdat je hiermee voorkomt dat je wielen wegrollen.

vtstand1

De starthouding:

  • De starthouding is de houding is de stand waarbij de skates:
  • Parallel aan elkaar zijn
  • De knieën licht gebogen zijn
  • De romp vanuit het bekken naar voren gekanteld is
  • De handen open en naar voren gestekt zijn

vtstand2